De Australische cricketzomer

De Australische cricketzomer

In Australië is een zomer zonder cricket geen echte zomer. We spelen als we picknicken en barbecuën, in onze tuinen, op onze straten en stranden en in onze parken en onze stadions van wereldklasse. Binnenshuis domineert het Australische cricketteam met zijn kenmerkende groene petten de televisiebuis. In Australië is cricket zoiets als een religie die spelers en fans uit alle delen van de samenleving verenigt.

En niet alleen Australië is van november tot februari zeer geïnteresseerd in cricket. Cricketliefhebbers uit de hele wereld volgen de competitie in Australië waarin Australië in Brisbane, Sydney, Melbourne, Adelaide, Hobart en Perth tegen andere toplanden speelt. De competitie bestaat uit testwedstrijden die drie tot vijf dagen duren, eendaagse internationale wedstrijden en de Twenty20-series waarin elke team een innings krijgt en er 20 overs gebowld worden. Testwedstrijden beginnen meestal om 10 uur ’s morgens en eindigen om 6 uur 's avonds. Internationale eendagswedstrijden en twenty20-wedstrijden kunnen ’s middags beginnen en uitlopen tot ’s avonds laat.

De deelnemende landen wisselen per jaar. In de zomer van 2009/2010 komen Brits West-Indië en Pakistan op bezoek. Andere sterke cricketlanden zijn Zuid-Afrika, India, Pakistan, Sri Lanka en de favoriete tegenstander om de ‘Ashes’: Engeland. De Ashes is een serie wedstrijden die al meer dan 100 jaar wordt gehouden. Het gaat om de ’Ashes’, de verkoolde resten van een wicket (cricketpaaltje), die in een urn in het MCC in Londen worden bewaard.

Dat de Australiërs echt van cricket houden, blijkt duidelijk op het veld. Het Australische cricketteam is ’s werelds nummer 1 met testcricket en nummer 2 met eendaagse internationale wedstrijden. We zijn dol op snelle bowlers, spin-bowlers en medium pace-bowlers en zelf onderhandse bowlers! Tot onze crickethelden behoren: Sir Donald Bradman, Ritchie Benaud, de gebroeders Chappell, Lillee, Thomo & Max, de gebroeders Waugh, Shane Warne en Glen McGrath. Cricket creëert nationale helden en heeft enkele van de grootste sportmomenten van ons land opgeleverd.

Het is een eeuwenoud spel voor heren, waarvan iedereen uit alle lagen van de bevolking geniet. Spelers houden de traditie in ere dat men voor de lunch, bij regen en bij weinig zicht stopt. De leden zijn trots op hun lidmaatschap, maar het zijn de ‘yobbo’s', de fanatieke fans, die het team met de grootste geestdrift vanaf 'the hill' toejuichen.

Cricket inspireert tot grote passie en cricketfans reizen de hele wereld af om hun helden te kunnen zien spelen. Fans zijn georganiseerd en reizen samen, gebonden door hun enthousiasme en eindeloze loyaliteit aan het team. De Britten hebben het Barmy Army, terwijl de Australische fans de Fanatics worden genoemd. Kijk naar het publiek dat juichend overeind komt, en vraagt: 'howzat? ', als een scheidsrechter uit waardering voor de vaardigheid van een bowler of veldspeler naar de lucht wijst. Kijk naar de batsman die beschaamd met gebogen hoofd wegloopt nadat hij te horen heeft gekregen dat hij ‘out’ is.
 
Voor de niet-ingewijden heeft deze herensport een eigen uniek jargon. Bij elke wedstrijd heeft de commentator het over ’innings’ en ‘overs’, ‘silly mid on’, 'silly mid off'', ‘slips’, ‘ducks’ en ‘golden ducks’, ‘googlies’, ‘fours’, ‘sixes’ en ‘centuries’ Een ‘innings’ is als het team aan slag is, en een ‘over’ is wat een bowler bowlt. Er zijn zes ballen per ‘over’ voordat een nieuwe bowler aan de andere kant van de pitch komt te staan.

Voor je eerste cricketwedstrijd krijg je hier een kort overzicht: Twee batsmen staan voor drie wickets (de verticale paaltjes) aan beide kanten van de pitch (het langwerpige deel midden op het veld tussen de wickets). De batsmen staan met hun gezicht naar de bowler (de speler die de bal werpt) en proberen de bal zo ver mogelijk weg te slaan, voordat deze onderschept wordt door de veldspelers. Nadat de bal is geslagen, rennen de spelers tussen de wickets, terwijl de veldspelers snel proberen de bal te pakken te krijgen om hem naar de man bij de paaltjes te gooien: de wicket keeper. De wicket keeper moet ervoor zorgen dat de bails (verticale houtjes op de wickets) van de wickets worden afgeslagen en dat de scheidsrechter de batsman ’out’ roept.

In Australië is de cricket-pitch heilige grond. De toeschouwers zitten op de tribunes van de uitstekende stadions, maar ze komen nooit op het speelveld. De speelvelden zijn groot en tijdens de maaltijd praat men erover alsof het om goede vrienden gaat, zoals de Gabba in Brisbane, de Wacca in Perth, de SCG in Sydney en de weergaloze ‘g’: de MCG in Melbourne. In deze beroemde arena‘s spreekt men van een ‘six’ als de batsman de bal ongehinderd de tribune in slaat: een sportieve topprestatie. Bij een ‘four’ kan een veldspeler dwars door het speelveld rennen en een sliding maken in een poging de bal te stoppen.

’s Zomers volgen de Australiërs cricket live op de televisie: thuis, in de pubs en in etalages. En in cafés en bars worden uitvoerig over de wedstrijden gesproken. Massa’s mensen zwermen in de stad over straat en in de parken op weg naar het cricketstadion. Op het strand en bij bushaltes vertellen mensen met radio‘s tegen een oor geklemd aan iedereen die het horen wil over het scoren van een '4 for 460' of een ’declared'.

Je kunt het Australische team zien spelen tegen Brits West-Indië en Pakistan die tijdens de lange hete cricketzomer een tournee door Australië maken. De mooiste wedstrijd van allemaal is de Ashes. Deze wordt ook in 2010 gespeeld. Kom je naar Australië? Ga dan cricket kijken! Zonder cricket is de zomer geen echte zomer.

Search events









Meer Australische ideeën